Seksuologische hulpverlening

Sinds 1984 ben ik betrokken bij de praktische hulpverlening aan mensen met seksuele moeilijkheden. Eerst via de Universiteit Utrecht en de Rutgers Stichting, en later in een eigen praktijk. De problematiek loopt uiteen, van wat wel de kleine seksuologie genoemd wordt (moeite met opwinding of orgasme) tot relatieproblemen en problemen die voortkomen uit ongewone voorkeuren, uit verslaving of dwang, of uit de strafbaarheid van het gedrag: Pedofilie, sadomasochisme, voyeurisme en exhibitionisme, moeite met het vormgeven aan een homoseksuele levensstijl. Sinds 1991 ligt de nadruk in de praktijk toenemend op problemen rond seksuele dwangmatigheid en verslaving. De hulp heeft de vorm van individuele of relatie (gespreks)therapie. Voor een eventuele second opinion of medicatie wordt samengewerkt met vrijgevestigde psychiaters en de afdeling psychiatrie van het UMC Utrecht. Voor verschillende instellingen en organisaties verzorg ik de deskundigheidsbevordering op het gebied van seksverslaving.

De duur van therapie bij seksverslaving of klachten die daarop lijken, loopt sterk uiteen. Soms ontleent men aan drie tot vijf gestructureerde gesprekken voldoende handvatten om het seksleven weer onder controle te krijgen. Bij anderen gaat het om 20-30 gesprekken over een periode van 2-3 jaar. Ook is het mogelijk om een second opinion te krijgen of alleen de diagnostiek te ondergaan, bijvoorbeeld omdat men voor zichzelf helder wil krijgen wat er aan de hand is en of hulp wenselijk of überhaupt mogelijk is. Desgewenst kan men een schriftelijk verslag van de anamnese krijgen en/of een doorverwijzing naar een andere hulpverlener.

In het kader van een therapie wordt waar nodig, en vanzelfsprekend in overleg met de client, gerapporteerd aan justitie, reclassering of advocatuur. Wanneer de seksuele klachten het professionele functioneren bedreigen, is een overeenkomst met de werkgever over doel en bekostiging van het behandeltraject mogelijk.

Ik ben geen aanhanger van sterk geprotocolleerd werken, waarbij de therapie zoveel mogelijk vaste procesdures volgt. Het karakter van de klacht seksverslaving leent zich daar ook niet voor, en mijn aanpak is ook niet zozeer gericht op het voorkomen van de symptomen (de dwanmgatige seksuele gedragingen) maar op het verwerven van zinvol, zingevend alternatief gedrag. Elke behandeling is dus maatwerk. Ik houd van snel en doelgericht werken, maar weet ook dat processen en veranderingen tijd nodig hebben om te 'zetten'. Om die reden is het nacontact, in de vorm van vinger-aan-de-pols contacten met tussenpozen van maanden, zo belangrijk.

 

terug